Versie: 2017

AFDELING IV

 

PRODUCTEN VAN DE VOEDSELINDUSTRIE; DRANKEN, ALCOHOLHOUDENDE VLOEISTOFFEN EN AZIJN; TABAK EN TOT VERBRUIK BEREIDE TABAKSSURROGATEN

 

Aantekeningen voor de afdeling + Aanvullende aantekeningen voor de afdeling (GN)

 

 

 

HOOFDSTUK 23

 

RESTEN EN AFVAL VAN DE VOEDSELINDUSTRIE; BEREID VOEDSEL VOOR DIEREN

 

 

Aantekeningen + Aanvullende aantekeningen + Aanvullende aantekeningen (GN)

 

 

AANTEKENINGEN

 

1.    Post 2309 omvat mede producten van de soort gebruikt voor het voederen van dieren, elders genoemd noch elders onder begrepen, verkregen door het behandelen van plantaardige of dierlijke zelfstandigheden, en wel zodanig dat het wezenlijk karakter van die zelfstandigheden verloren is gegaan. Plantaardige afval, plantaardige residuen en bijproducten van vorenbedoelde behandeling vallen echter niet onder deze post.

 

 

Aanvullende aantekeningen

 

1.    Voor de toepassing van onderverdeling 2306 41 wordt als „kool- en raapzaad met een laag gehalte aan erucazuur” aangemerkt, zaad bedoeld bij aanvullende aantekening 1 op hoofdstuk 12.

 

 

Aanvullende aantekeningen (GN)

 

1.    De onderverdelingen 2303 1011 en 2303 1019 omvatten uitsluitend de afvallen verkregen bij de vervaardiging van maiszetmeel, met uitzondering van mengsels van dergelijke afvallen met producten verkregen uit andere planten of met producten verkregen bij de vervaardiging van maiszetmeel door middel van een andere dan de natte methode.

Het gehalte aan zetmeel, overeenkomstig de methode opgenomen in bijlage III, deel L, bij Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie, berekend op de droge stof, mag niet meer bedragen dan 28 gewichtspercenten en het gehalte aan vet, overeenkomstig de methode opgenomen in bijlage III, deel H, van Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie, berekend op de droge stof, mag niet meer bedragen dan 4,5 gewichtspercenten.

 

2.    Onderverdeling 2306 9005 omvat uitsluitend de afvallen verkregen bij de winning van olie uit maiskiemen met de volgende gehalten, berekend in gewichtspercenten op de droge stof:

a)    producten met een vetgehalte van minder dan 3 gewichtspercenten:

- zetmeelgehalte: minder dan 45 gewichtspercenten;

- proteïnegehalte (stikstof × 6,25): 11,5 of meer gewichtspercenten;

b)    producten met een vetgehalte van 3 of meer doch niet meer dan 8 gewichtspercenten:

- zetmeelgehalte: minder dan 45 gewichtspercenten;

- proteïnegehalte (stikstof × 6,25): 13 of meer gewichtspercenten.

Deze afvallen mogen voorts geen bestanddelen bevatten die niet van de maiskorrel afkomstig zijn.

Voor de bepaling van het zetmeel- en proteïnegehalte zijn de methoden van toepassing die zijn omschreven in Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie, bijlage III, delen L en C.

Voor de bepaling van het vetgehalte en het vochtgehalte zijn de methoden van toepassing die zijn omschreven in Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie, bijlage III, delen H en A, respectievelijk.

Producten die bestanddelen van mais bevatten die niet aan het oliewinningsproces onderworpen zijn geweest en aan de werkelijke afvallen zijn toegevoegd, zijn van deze onderverdeling uitgezonderd.

 

3.    Voor de toepassing van de onderverdelingen 2307 0011, 2307 0019, 2308 0011 en 2308 0019, wordt verstaan onder:

- effectief alcohol-massagehalte: het aantal kg zuivere alcohol, aanwezig in 100 kg van het product;

- potentieel alcohol-massagehalte: het aantal kg zuivere alcohol dat kan ontstaan door totale vergisting van de suiker die in 100 kg van het product aanwezig is;

- totaal alcohol-massagehalte: de som van het effectief en het potentieel alcohol-massagehalte;

- % mas: het symbool voor het alcohol-massagehalte.

 

4.    Voor de toepassing van de onderverdelingen 2309 1011 tot en met 2309 1070 en 2309 9031 tot en met 2309 9070 worden als „zuivelproducten” aangemerkt, de producten bedoeld bij de posten 0401, 0402, 0404, 0405 en 0406 en de onderverdelingen 0403 1011 tot en met 0403 1039, 0403 9011 tot en met 0403 9069, 1702 1100, 1702 1900 en 2106 9051.

 

5.    Onderverdeling 2309 9020 omvat uitsluitend afvallen verkregen bij de vervaardiging van maiszetmeel, met uitzondering van mengsels van dergelijke afvallen met producten verkregen uit andere planten of met producten verkregen bij de vervaardiging van maiszetmeel door middel van een andere dan de natte methode, bevattende:

- resten van het zeven van mais, gebruikt voor de vervaardiging van maiszetmeel door middel van de natte methode, tot een hoeveelheid van niet meer dan 15 gewichtspercenten en/of

- resten van zwelwater van mais afkomstig van de behandeling van mais door middel van de natte methode, gebruikt voor de vervaardiging van alcohol of van andere producten uit zetmeel.

Deze afvallen kunnen bovendien resten, ontstaan bij de winning van olie uit maiskiemen, verkregen door middel van de natte methode, bevatten.

Het gehalte aan zetmeel, overeenkomstig de methode opgenomen in bijlage III, deel L, bij Verordening (EG) nr. 152/2009, berekend op de droge stof, mag niet meer bedragen dan 28 gewichtspercenten, het gehalte aan vet, overeenkomstig de methode opgenomen in bijlage III, deel H, van Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie, berekend op de droge stof, mag niet meer bedragen dan 4,5 gewichtspercenten en het gehalte aan proteïne mag niet meer bedragen dan 40 gewichtspercenten, berekend op het droge gewicht overeenkomstig bijlage III, deel C, bij Verordening (EG) nr. 152/2009.

 

 

TOP